Ik heb altijd gevonden dat de Paralympische Spelen in de schaduw van de Olympische Spelen staan. Dat ligt niet aan de prestaties van de atleten, die van uitzonderlijk niveau zijn, maar vooral aan de manier waarop het evenement in de olympische kalender is gepositioneerd.
De Paralympische Spelen beginnen pas nadat de Olympische Spelen zijn afgesloten. Tegen die tijd heeft een groot deel van de internationale media het gastland al verlaten, hebben sponsors hun belangrijkste campagnes afgerond en verschuift de aandacht van het publiek al ruimschoots naar andere onderwerpen.
Tijdens de Olympische Spelen zit heel Nederland aan de buis gekluisterd. Wereldwijd volgen miljoenen mensen het evenement en zijn duizenden journalisten aanwezig. Zodra het olympisch vuur dooft, neemt die concentratie van aandacht echter snel af. In die nasleep beginnen de Paralympische Spelen. Onbedoeld krijgen zij daardoor het karakter van mosterd na de maaltijd. Een sportevenement van wereldklasse krijgt zo structureel minder zichtbaarheid, minder mediabereik en minder commerciële waarde dan het verdient.
Die achterstand is grotendeels het gevolg van een keuze die ooit begrijpelijk was, maar inmiddels achterhaald is: de volgorde van de evenementen. Wanneer de Paralympische Spelen vóór de Olympische Spelen worden georganiseerd, verandert de dynamiek onmiddellijk. Internationale media zijn dan al aanwezig en de publieke belangstelling bouwt vanzelf op richting de Olympische Spelen. Tegelijkertijd kan de organisatie proefdraaien met logistiek, vrijwilligers en faciliteiten. Ook het olympisch dorp komt al tot leven, waardoor de hele olympische infrastructuur als het ware kan opwarmen voordat het grootste sportevenement ter wereld begint.
Ook de institutionele scheiding tussen het Internationaal Olympisch Comité en het Internationaal Paralympisch Comité versterkt die ongelijkheid. In de praktijk richten veel bedrijven hun sponsorbudget vrijwel volledig op de Olympische Spelen, waardoor de Paralympische Spelen commercieel structureel achterblijven. Dat is des te opvallender omdat paralympische sport juist staat voor doorzettingsvermogen, inclusie en maatschappelijke impact, waarden waar veel organisaties zich graag aan verbinden.
Paralympische atleten verdienen hetzelfde podium, dezelfde aandacht en dezelfde commerciële kansen. Zolang de Paralympische Spelen ná de Olympische Spelen plaatsvinden, blijft die ongelijkheid bestaan. Een andere volgorde zou een belangrijke stap zijn.
Frank van den Wall Bake is partner bij IVRM Sport en initiatiefnemer van Het Nationale Sportdebat.