Het Noordbrabants Museum in Den Bosch heeft in enkele jaren tijd een aanzienlijk deel van zijn sponsorbasis verloren. Dat meldt het Brabants Dagblad. Volgens de krant vertrok de hoofdsponsor in 2024 en is het aantal leden van de businessclub bijna gehalveerd. De Renschdael Art Foundation, jarenlang hoofdsponsor van het museum, droeg jaarlijks circa 75.000 euro bij aan tentoonstellingen en aankopen. De foundation beëindigde het partnership in 2024. Over de reden van het vertrek wil de organisatie niet inhoudelijk communiceren. Tegenover het Brabants Dagblad liet een medewerker weten dat het om “een zaak uit het verleden” gaat. De foundation werkt momenteel aan de realisatie van een nieuw museum in Venray.
Naast een hoofdsponsor werkt het museum met verschillende sponsorlagen, waaronder stersponsoren, co-sponsoren en een businessclub met voornamelijk regionale bedrijven. Waar de businessclub in 2022 nog 31 leden telde, zijn dat er volgens het Brabants Dagblad in 2026 nog 16.
Sponsors dragen gezamenlijk ruim 300.000 euro bij aan het museum. Naast financiële steun zorgen zij ook voor verbinding met het regionale ondernemersnetwerk.
Tegelijkertijd kreeg het museum te maken met een daling van het aantal bezoekers. In 2023 ontving het museum nog circa 250.000 bezoekers. In 2024 daalde dat aantal naar ongeveer 133.000.
De eigen inkomsten van het museum – waaronder ticketverkoop en winkelopbrengsten – daalden van 3,6 miljoen euro in 2023 naar 2,45 miljoen euro in 2024.
Daarnaast is het museum voor een deel afhankelijk van inkomsten uit sponsoring, fondsen en particuliere bijdragen.
Volgens het Brabants Dagblad geven sommige voormalige sponsors aan dat het contact met het museum na een directiewissel in 2022 minder intensief werd.
Een voormalig lid van de businessclub stelt in de krant dat hij na de komst van de nieuwe directeur geen contact meer had met de organisatie. Ook andere sponsors zouden hebben aangegeven dat de communicatie minder goed aansloot bij hun verwachtingen.
Het museum zelf stelt dat de terugloop in sponsorgelden beperkt is gebleven en wijst daarnaast op een bredere trend bij musea.
De raad van toezicht stelt dat de terugloop in sponsorgelden volgens het museum beperkt is gebleven. In een schriftelijke reactie laat men weten dat de totale daling van sponsorgelden in de periode 2023-2025 minder dan tien procent bedraagt.
Volgens de raad hangt dat samen met een bredere ontwikkeling binnen de museumsector en met individuele keuzes van sponsors. Daarbij merkt de raad op dat bedragen in de jaarrekening volgens hen een vertekend beeld kunnen geven, omdat daarin ook onttrekkingen zijn opgenomen.
Daarnaast benadrukt de raad dat de vriendenkring van het museum volgens eigen zeggen relatief stabiel is gebleven en zich de laatste tijd weer actiever laat zien bij bijeenkomsten.
De raad van toezicht laat verder weten dat momenteel een onafhankelijk onderzoek loopt naar de situatie rond sponsoren en betrokkenheid van stakeholders. De uitkomsten daarvan moeten duidelijk maken welke structurele verbeteringen nodig zijn.